Begeleiding
  • Mentoren
  • Teamleiders en locatiedirecteuren
  • Decanaat
  • Het school ondersteunings team
Elke klas heeft een mentor, die in grote lijnen de volgende taken heeft:
  • Het begeleiden van het leerproces van de leerlingen;
  • Het onderhouden van de contacten tussen ouders en school. De mentor is hierbij voor de ouders het eerste aanspreekpunt;
  • Het regelen van een aantal organisatorische zaken voor leerling en klas;
  • Het bewaken en begeleiden van het groepsproces.
Namen en e-mailadressen van de mentoren vindt u hier.
Alle leerjaren hebben een teamleider, die globaal de volgende taken heeft:
  • Het bewaken van de studieresultaten;
  • De coördinatie van de rapportage aan ouders;
  • De coördinatie van ouderavonden, Student Led Conferences etc.;
  • Het aansturen van de klassenmentoren;
  • Het houden van toezicht op de dagelijkse gang van zaken;
  • De coördinatie van evenementen, activiteiten, excursies etc.
Beide locaties hebben een locatiedirecteur, die in dit kader de volgende taken heeft:
  • De coördinatie van dag-, evenementen- en jaarroosters, datumplanning en gebouwvoorzieningen;
  • Het aansturen van de teamleiders;
  • Het coördineren van de onderwijskundige processen;
  • Het voorbereiden, ontwikkelen, implementeren en evalueren van beleid.

  • L.W.
    Ran

    teamleider klas 1
    Mecklenburglaan

    e-mail

  • J.C. van der
    Velden

    teamleider klas 2
    Mecklenburglaan

    e-mail

  • C. van
    den Berg

    teamleider klas 3
    Mecklenburglaan

    e-mail

  • R.M.
    Paijens

    locatiedirecteur
    Mecklenburglaan

    e-mail


  • J.P.
    Brand

    teamleider M3/4
    Ramlehweg
     

    e-mail

  • B.
    Aklalouch

    teamleider H4
    Ramlehweg
     

    e-mail

  • P.L.H.M.
    Claessens

    teamleider H5
    Ramlehweg
     

    e-mail

  • M.
    van Dijk

    teamleider V4/5/6
    Ramlehweg
     

    e-mail

  • E. van der
    Winden

    coördinator organisatie
    toetsen en examens
    Ramlehweg

    e-mail

  • J.M.
    Koten

    locatiedirecteur
    Ramlehweg

    e-mail

Gedurende hun schoolcarrière moeten de leerlingen meermalen een keuze maken die verregaande consequenties kan hebben voor hun uiteindelijke studie- of beroepskeuze. De decanen van de school begeleiden de leerlingen bij het nemen van zo goed en zo verstandig mogelijke beslissingen. De decanen houden zich bezig met een grote verscheidenheid aan onderwerpen:
  • Alle kwesties met betrekking tot de keuze van vakkenpakketten en profielen;
  • Veranderingen in eisen en opzet van vervolgopleidingen en de consequenties daarvan voor de studie- en beroepskeuze;
  • Regelingen met betrekking tot studiekosten en studietoelagen;
  • De “loopbaan” van de leerlingen, in overleg met de leerlingen zelf en hun ouders, de mentor en de teamleider;
  • Mondelinge en schriftelijke voorlichting aan alle klassen tijdens het schooljaar;
  • Mondelinge voorlichting aan de ouders tijdens de kennismakingsavonden;
  • Het organiseren van projecten zoals proefstuderen, meeloopdagen, studiekeuze-workshops van de Erasmus Universiteit, bezoek diverse opleidingen;
  • Het organiseren van bezoeken aan voorlichtingsmarkten zoals de Interscholaire, de Studiebeurs Rotterdam en de MBO-opleidingsmarkt;
  • De Decazine Special (havo en vwo) en de nota “Na het eindexamen”, die de leerlingen van de examenklassen in oktober ontvangen;
  • Verschillende voorlichtingsbijeenkomsten, waarbij (veelal oud-leerlingen als) deskundigen van vervolgopleidingen de leerlingen wegwijs maken. Onze SOS-avond (studenten over studies) is inmiddels een traditie;
  • Persoonlijke gesprekken met individuele leerlingen.
  • De leerlingen kunnen altijd bij hun decaan terecht voor informatie of overleg. Zij worden geacht daarbij ook zelf initiatief te nemen. Uiteraard kunnen ook ouders bij de decanen terecht voor informatie.

    • K.C.
      Spigt

      decanaat
      M3/4 + H3/4/5

      e-mail

    • M.H.E.
      Godwaldt

      decanaat
      V3/4/5/6

      e-mail

    Helaas zijn er leerlingen die tijdens hun schoolperiode te maken krijgen met ernstige problemen. Voor hen en/of hun ouders is er de mogelijkheid zich te wenden tot een van de volgende mensen: 

    Zorgcoördinator 

    Mw. M.C. Van Wijngaarden coördineert de leerlingzorg en bespreekt met het Schoolonder-steuningsteam de aard en voortgang van de begeleiding. Het team bestaat uit de leerling-begeleiders, de orthopedagoog, de schoolverpleegkundige, de schoolmaatschappelijk werker, de begeleider passend onderwijs en op afroep de leerplichtambtenaar, de wijkagent, of de consulent van het Zorgloket van Koers VO.

    Voor bespreking van een leerling in het team wordt altijd vooraf toestemming gevraagd aan de ouders en/of de leerling zelf. 

    Leerlingbegeleiders 

    Mw. M.J.E. Martens en mw. J.M. van der Pijl zijn docenten die speciaal zijn opgeleid in het luisteren naar en het spreken met leerlingen met problemen. Zij zijn onder andere gespecialiseerd in faalangstreductie en geven (indien mogelijk) individuele trainingen. Zij onderhouden ook contacten met instanties voor hulpverlening. 

    Begeleiding bij leerproblemen

    Bij alle brugklasleerlingen wordt een signaleringsdictee dyslexie afgenomen. Bij het vermoeden van een leerprobleem kan, na toestemming van de ouders, de Dyslexie Screening Test worden afgenomen. De uitslag van de test wordt daarna met ouders en leerling besproken. De begeleiding van de leerlingen met dyslexie is erop gericht de zelfstandigheid met betrekking tot het leerproces te vergroten. Er wordt o.a. aandacht besteed aan studieaanpak en hoe de leerling omgaat met de dyslexie. Wanneer een leerling intensievere hulp nodig heeft, volgt een gesprek en advies omtrent externe begeleiding. Meer informatie kunt u lezen op de website, ook kunt u met uw vragen terecht bij Mw. P.C.M. Jacobs, orthopedagoog.

    Schoolverpleegkundige 

    De schoolverpleegkundige is verbonden aan het Centrum voor Jeugd en Gezin.  Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) is dé plek waar u terecht kunt voor vragen over opvoeden, opgroeien, verzorging en gezondheid. Het CJG is er voor ouders/verzorgers, kinderen en jongeren.  In het eerste en derde schooljaar van het voortgezet onderwijs krijgen  jongeren

    een gesprek met een jeugdverpleegkundige op school. De gesprekken gaan bijvoorbeeld over gezondheid, eten, slapen, vrije tijd, gedrag en puberteit. Meisjes krijgen in het jaar dat ze 12 jaar worden een oproep van het CJG om zich te laten vaccineren tegen baarmoederhalskanker. Deze zogenaamde HPV-vaccinatie is gratis, maar niet verplicht. Als leerlingen veel school verzuimen vanwege ziekte kan de verpleegkundige ze met hun ouders oproepen voor een gesprek. Gesprekken met de jeugdverpleegkundige zijn vertrouwelijk. De jeugdverpleegkundige neemt deel aan de overleggen van het Schoolondersteuningsteam, waarin zorgen over de ontwikkeling van de jongere besproken worden. Dit is in overleg met de ouders. 

    De jeugdverpleegkundige op de Mecklenburglaan (maandag en woensdag aanwezig) is
    mw. O. van Middelkoop, te bereiken via telefoonnummer 010-4444608/06-10543773
    of via e-mail: o.van.middelkoop@cjgrijnmond.nl.

    De jeugdverpleegkundige op de Ramlehweg (woensdag aanwezig) is mw. L. van der Hoek, te bereiken via telefoonnummer 010-4444608/06-51740984 of via e-mail: Lianne.van.der.hoek@cjgrijnmond.nl.
    De jeugdverpleegkundigen zijn te consulteren door leerlingen, ouders/verzorgers en medewerkers van de school. 

    Schoolmaatschappelijk werk 

    Sommige problemen zijn zó groot en ingewikkeld dat er extra hulp nodig is. Bijvoorbeeld als het om situaties buiten school gaat die de schoolprestaties en het welbevinden van de leerling in de weg staan. De schoolmaatschappelijk werker houdt een wekelijks spreekuur op beide gebouwen en is te consulteren door leerlingen, ouders/verzorgers en medewerkers van school. Zij onderhoudt ook contacten met instanties voor hulpverlening. 

    De schoolmaatschappelijk werker is mw. M. Dil, te bereiken de zorgcoördinator, mw. Van Wijngaarden.

    Privacy en zorg

    Het verzamelen van gegevens van leerlingen valt onder de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Deze wet is bedoeld om ervoor te zorgen dat gegevens over personen zorgvuldig worden gebruikt en om misbruik ervan tegen te gaan. Het leerlingvolgsysteem is daarom alleen toegankelijk voor de begeleiders van een leerling in de school.

    Gegevens over leerlingen uit het leerling- en zorgdossier worden dus alleen binnen de school gebruikt. Voor alle duidelijkheid wordt vermeld dat de school met alle gegevens vertrouwelijk omgaat en dat de school geen informatie verstrekt aan derden zonder toestemming van ouders/wettelijk voogden. 

    De meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling

    Het Libanon Lyceum is verplicht te werken met de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Het doel van deze methode is om kindermishandeling en huiselijk geweld te voorkomen en tegen te gaan. Het gaat erom dat er op tijd wordt gesignaleerd en dat er iets gedaan wordt met de signalen.

    Werken met de meldcode 

    Om te kunnen werken met de meldcode zijn de zorgcoördinator en SMW getraind.

    Over het doen van een melding overlegt de zorgcoördinator, vooraf met de teamleider en stelt de conrector op de hoogte. De melding wordt gedaan namens school. De ouders /verzorgers van de leerling worden op de hoogte gesteld van de melding, tenzij dit niet mogelijk is in verband met de veiligheid van de medewerker, de veiligheid van de leerling of van anderen, of als redelijkerwijs gevreesd moet worden dat de leerling zich daardoor terug zal trekken en geen contact meer met de melder zal houden. 

    Vragen van toestemming 

    Bij het verstrekken van gegevens van een leerling aan een ander, dus ook bij het doen van een melding aan Veilig Thuis, geldt als hoofdregel dat de school zich inspant om toestemming voor zijn melding te krijgen. Geven ouders/verzorgers van een leerling toestemming, dan kan een melding worden gedaan. Weigeren de ouders/verzorgers van een leerling, ondanks de inspanning van de school toestemming te geven, dan maakt de school een nieuwe afweging. Bij het besluit om de geheimhouding te doorbreken, speelt de positie van de leerling een belangrijke rol. 

    Leeftijdsgrenzen bij het vragen van toestemming 

    De Wet bescherming persoonsgegevens bepaalt dat een leerling vanaf 16 jaar zelf toestemming mag geven aan de school voor het verstrekken van gegevens aan een ander (al dan niet in de vorm van het doen van een melding). Als het gaat om een leerling van 12 tot 16 jaar die nog thuis woont, moet er gesproken worden met de ouders. Van het vragen van toestemming kan worden afgezien in verband met de veiligheid van de leerling, van de beroepskracht of die van anderen. 

    Veilig Thuis 

    Bij Veilig Thuis is er sprake van meldrecht. Het meldrecht biedt iedere docent met een beroepsgeheim of andere zwijgplicht, het recht om een vermoeden van kindermishandeling bij Veilig Thuis te melden. Ook als de leerling daar geen toestemming voor geeft.

    Daarnaast biedt het meldrecht de beroepskracht het recht om informatie over de leerling te verschaffen als Veilig Thuis daar in verband met een onderzoek naar vraagt. 

    Stedelijk Instrument Sluitende aanpak (SISA) 

    Onze school is aangesloten bij het SISA-signaleringssysteem. Dit zorgt ervoor dat jongeren in Rotterdam die hulp nodig hebben worden geregistreerd in een computersysteem waardoor hulpverlening beter kan worden afgestemd. Het signaleringssysteem heeft een privacyreglement zoals de wet bescherming persoonsgegevens voorschrijft.

    Passend Onderwijs

    Op 1 augustus 2014 is de wet op Passend Onderwijs van kracht geworden. Passend onderwijs is de nieuwe manier waarop onderwijs wordt georganiseerd voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. 

    Om dat mogelijk te maken, werken alle reguliere scholen en scholen voor speciaal onderwijs in onze regio samen in het samenwerkingsverband Koers VO. Ook het Libanon Lyceum valt onder dit samenwerkingsverband.

    Ondersteuning

    De nieuwe wetgeving onderscheidt drie soorten ondersteuning:

    1. Basisondersteuning is een vorm van ondersteuning die geïntegreerd is in het onderwijsproces. U kunt bijvoorbeeld denken aan hulp bij dyslexie.
    2. Extra ondersteuning is een vorm van ondersteuning die op maat gemaakt is voor kinderen die grote moeite hebben met het zelfstandig sturen van hun eigen onderwijsproces. Soms zijn dat kinderen met een vorm van autisme of AD(H)D in combinatie met een andere leer-of gedragsstoornis.
    3. Als tijdens het schooljaar blijkt dat extra ondersteuning niet genoeg is, dan komt uw kind wellicht in aanmerking voor intensieve ondersteuning. Dit betekent dat regulier onderwijs niet (meer) volstaat en speciaal onderwijs nodig is. School zoekt samen met u en het samenwerkingsverband naar een passende onderwijsplek.

    School heeft zorgplicht

    Vanaf 1 augustus 2014 heeft de school verantwoordelijkheid om leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben een passende onderwijsplek te bieden. Kan de school geen passende ondersteuning bieden, dan is de school verplicht om een passende onderwijsplek voor deze leerling te zoeken op een andere school. De zorgplicht geldt voor alle leerlingen met extra onderwijsondersteuning.

    Schoolondersteuningsprofiel

    Elke school in het samenwerkingsverband heeft een plan waarin wordt beschreven welke ondersteuning de school kan aanbieden. Informatie over dat profiel vindt u in de schoolgids en op www.koersvo.nl/schoolprofielen.

    Wat betekent Passend Onderwijs voor u?
    Ontwikkelingsperspectief 

    De school stelt een ontwikkelingsperspectief op voor alle leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Hierin beschrijft de school welke ondersteuning een leerling krijgt en wat de doelen zijn van deze ondersteuning. De school gaat hierover met u in gesprek. Ook bespreekt de school elk jaar de vorderingen met u.

    Denkt u dat uw kind extra ondersteuning nodig heeft?

    Ga, eventueel samen met uw kind, in gesprek met de mentor.

    Uw kind heeft geen extra ondersteuning (meer) nodig?

    Het is zinvol om dit niet alleen te bepalen maar in overleg met de school. Bij de overstap van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs verandert de werk -en leerstructuur ingrijpend. Voor kinderen die moeite hebben om hun eigen onderwijsproces te sturen is het extra belangrijk dat zij positieve ervaringen opdoen en zelfvertrouwen ontwikkelen.

    Borging van goed passend onderwijs

    Het Libanon Lyceum staat bekend om goed onderwijs en goede zorg. Kinderen met een disharmonisch intelligentieprofiel of AD(H)D functioneren met een klein beetje extra aandacht (basisondersteuning) prima in de klas. Zij hebben genoeg aan de basisondersteuning zoals onze school die aanbiedt. Samen met kinderen met een extra ondersteuningsbehoefte in de klas, zijn zij in staat hun tijd op het Libanon Lyceum succesvol te doorlopen. We hebben dit al vele jaren mogen meemaken.

    Wij kunnen deze kwaliteit echter alleen borgen als we niet meer dan twee leerlingen met deze ondersteuningsbehoeften per klas plaatsen. Wij vragen daarom van u om bij de aanmelding open te zijn over eventuele diagnoses en onderzoeken. De nieuwe wetgeving vraagt dit ook van u. Net als u willen wij het beste voor uw kind. Het achterhouden van eventuele diagnostiek kan voor ons aanleiding zijn om de aanmelding ongedaan te maken.



    • M.C. van
      Wijngaarden

      zorgcoördinator


      e-mail

    • M.J.E.
      Martens

      leerlingbegeleider

    • J.M. van
      der Pijl

      leerlingbegeleider

    • P.C.M.
      Jacobs

      orthopedagoog

    • M.
      Dil

      schoolmaatschap-
      pelijk werker

    • E. de
      Jong

      begeleider pas-
      send onderwijs

    Documenten

    Schoolprofiel
    Libanon Lyceum
    2014

    klik hier om
    het schoolprofiel te lezen

    Concept zorgplan
    2012-2016

    klik hier om
    het zorgplan te lezen
    Dyslexie
    Leerlingen met de diagnose dyslexie komen in aanmerking voor extra begeleiding door de orthopedagoog/dyslexiecoach. De begeleiding is erop gericht de leerling zelfstandig te maken waar het zijn/haar eigen leerproces betreft. Er wordt aandacht besteed aan het omgaan met de dyslexie, een goede studie aanpak, het gebruik van hulpmiddelen en/of specifieke ondersteuning voor de moderne vreemde talen. In het tweede leerjaar krijgen de leerlingen met (complexe) dyslexie ondersteuning op verzoek. In de hogere leerjaren blijft de orthopedagoog het aanspreekpunt en wordt samen met de leerling gezocht naar oplossingen bij leerproblemen. Bij alle dyslectische leerlingen wordt in kaart gebracht tegen welke specifieke (leer)problemen zij aanlopen.

    Indien een leerling geen officiële dyslexieverklaring heeft maar er is een vermoeden van dyslexie dan volgt een
    screeningonderzoek en eventueel extern onderzoek door een psycholoog of orthopedagoog. De leerling krijgt dan een voorlopige dyslexiepas die maximaal 3 maanden geldig is. In die tijd heeft de leerling recht op extra tijd bij toetsen. De officiële dyslexieverklaring dient afgegeven te zijn door een GZ-psycholoog.

    De dyslectische leerlingen hebben recht op extra tijd bij toetsen: 10 minuten voor toetsen van 50 minuten, 20 minuten voor toetsen van 100 minuten. Toetsen worden gegeven in lettertype Arial12. Bij het centraal examen hebben de leerlingen recht op een standaard tijdsverlenging van 30 minuten. Bij de moderne vreemde talen geldt dat bij de normering van de toetsen rekening wordt gehouden met het feit dat deze leerlingen veel moeite hebben met het juist spellen van woorden.
    Daarbij wordt aangetekend dat ook bij hen de spelling wel degelijk wordt meegewogen in het cijfer maar dat hiervoor een maximum aantal aftrekpunten geldt. Een uitzondering geldt voor de toetsen spelling Nederlands waarbij het de spelling is die wordt beoordeeld en bij toetsen Engels, Frans en Duits waarbij het woordenboek gebruikt mag worden. Bij deze toetsen gelden voor alle leerlingen dezelfde normen. Bij het Centraal Examen gelden de voorschriften voor spellingcorrectie zoals door de overheid voorgeschreven. Spelling weegt echter voor alle leerlingen nooit zwaarder dan ongeveer een tiende van het totaal aantal te behalen punten. Een (dyslectische) leerling kan nooit meer dan één punt aftrek krijgen voor spelling en kan deze compenseren door tekstbegrip en andere taalvaardigheden. Het centraal examen wordt gedrukt in Arial12 en kent geen vergrotingen.
    ASS en AD(H)D protocol
    Leerlingen met een officiële diagnose ASS (Autisme Stoornis Spectrum) en/of AD(H)D (Aandachtstekortstoornis met of zonder hyperactiviteit) krijgen een faciliteitenkaart. Deze leerlingen hebben, indien mogelijk, recht op extra tijd bij toetsen (10 min. voor toetsen van 50 of 60 min., 20 voor toetsen van 100 min. en 30 voor toetsen van 120 min. en langer en voor het centraal examen). Dit geldt voor zowel de onder- als bovenbouw en examenklassen.

    In overleg met de zorgcoördinator en ouders/verzorgers wordt bij inschrijving een lijst van aandachtspunten voor docenten opgesteld die via de mentor onder docenten wordt verspreid.